De mentale weg naar uitblinking

Een poosje terug postte Yak Man een artikel (“Waar ben ik goed in?“) dat mij inspireerde en motiveerde om weer de stap te nemen om een deel van mijn mentale groei te delen. Haar post ging over uitblinken: Ze schreef dat ze veel mensen ziet die in haar ogen heel veel talent hebben, maar dat ze moeite heeft om haar eigen talent te vinden. Terwijl ik her artikel las, dacht bij mijzelf


Ik begrijp hoe je je voelt“. En met haar artikel als inspiratie, zal ik mijn manier van denken, voordat- en nadat ik met mijn stoornissen leerde omgaan, delen. Zie het als een vervolg op “Vergeven, door gaan en laten gaan“.

Door mijn angststoornis was ik bijna letterlijk bang voor alles. De kleinste dingen konden mijn stress hormonen triggeren. Zonder grap. Echter, voor vandaag is het onderdeel faalangst het belangrijkst, omdat dit juist de angst is die ons van succes en uitblinken weerhoudt. Zelfs als je geen angststoornis hebt, kan deze angst je toch wel bekend voorkomen. Het is de angst die je ambitie de grond in stampt.

Toen ik klein was, was ik heel er ambitieus (misschien een beetje te ambitieus ^^”). Ik kan mij nog goed herinneren dat ik de wereld van web-design in stapte; ik zag de meeste prachtige websites (op dat moment prachtig anyway) en zonder enige twijfel dacht ik: “Dat kan ik ook!”. Met die gedachte in mijn hoofd, bracht ik uren en uren (misschien meer uren dan gezond was) op de computer door om ontwerpen te maken. En zelfs als elk nieuwe design nog lelijker was dan de vorige, was ik super trots op mijzelf dat ik zoveel tijd en moeite in mijn “meesterwerk” had gestoken. Wat ik het meest verassend vind, is dat ik nooit twijfelde of bang was om op zo’n slecht niveau te blijven. Op een of andere manier voelde ik dat ik er beter in zou worden.

Naarmate ik ouder werd, begon de angststoornis op mij in te werken. Hoewel ik er toen ter tijd niet bewust van was, zorgden gedachten zoals “het zal nooit genoeg zijn als…” ervoor dat ik het gevoel had dat alles wat ik maakte gewoon troep was. Zelfs als een nieuw ontwerp mooier dan de vorige was, was het niet goed genoeg. Het was nooit goed genoeg. Ik vergeleek mijzelf met de beste van de beste, de crėme de la crème, de mensen met mega veel ervaring… En raad eens? Die vergelijking verloor ik elke.keer. (obviously) En elke keer dat ik “verloor”, werd de angst dat het nooit goed genoeg was alleen maar groter. Uiteindelijk zorgde die angst ervoor dat ik stopte met alles wat ik leuk vond om te doen, omdat alle leuke dingen wedstrijdjes werden waarvan ik al wist wie de verliezer zou zijn: ik. Niet altijd omdat mijn werk oprecht zo slecht was, maar vaak omdat mijn gedachten het slecht maakten. Zelfs als alle mensen om mij heen mij complimenten gaven voor mijn werk, wilde ik het nog steeds niet geloven. En dit laatste is belangrijk om te onthouden: Uitblinken komt alleen vanuit jezelf. De hele wereld kan jouw werk geweldig vinden, maar zolang jij ZELF niet tevreden bent, zal niks ooit goed genoeg zijn.

Source

Het kostte mij flink wat jaren om bovenstaande verhaal te leren. Ik kwam er eindelijk achter dat ik nooit iets leuk vond, omdat ik het nooit voor de lol deed. Ik deed het alleen om mijzelf te bewijzen? En weet je wat grappig is? Niemand vond het nodig dat ik mijzelf zou bewijzen, alleen ikzelf. Hierdoor werd het beoefenen van hobby’s vermoeiend, terwijl ik mij ook al moe voelde door de depressie. Het leek mij niet meer dan logisch om met alle hobby’s te stoppen, omdat ik er alleen moe van werd. Ironisch genoeg werd ik alleen maar nog meer depressief; zonder leuke dingen in je leven ga je je vervelen. Dat versterkt de depressiviteit. 

Tegenwoordig kijk ik niet meer neer op mijn werk en probeer ik de voorgang erin te vinden. Echter, ik ben nooit gestopt mijzelf te vergelijken met anderen. Maar dat vind ik niet perse een slecht ding. Het verschil tussen nu en toen is dat ik wel de positieve kanten van mijn eigen werk blijf zien als ik het vergelijk met anderen. In het begin moet ik mijzelf echt forceren om iets positiefs te vinden voor elk negatief ding, maar nu kan ik echt zeggen dat het vanzelf gaat. Er zijn dagen dat het wat minder makkelijk gaat, maar goed daarvoor zijn we mens. Mensen maken fouten, toch? Het blijft een leerproces. Bovendien, heb ik een super positieve vriend die mijn ogen opent als ik weer eens te negatief ben. Hij is mijn rots in de branding 🙂

Wat jullie betreft, ik hoop dat ik jullie hiermee motiveer om de positieve kanten te zien in alle dingen die je doet. Er is altijd wel iemand die het ‘beter’ doet. Dat is ok. Ook al doet iemand het beter, het betekend niet dat jij het slecht doet. Oefening baart kunst. Je moet gewoon door blijven gaan en de positieve dingen te zien in alles wat je doet. Daar wordt alles ook een stuk leuker van! Het antwoord op “Waar ben ik goed in?” is dus simpel:

Jij bent goed in ALLES wat je op je eigen manier doet. Geef niet op.

 

Geef een reactie